Norbert Elias

Nobert Elias door Bart Dekker

In ‘Über den Prozess der Zivilisation’ beschrijft Norbert Elias de ‘socio- en psychogenese’ van moderne staat en beschaafde omgangsvormen. Bij een toenemende maatschappelijke vervlechting leidt de ‘figuratie’ van concurrerende edelen tot machtsconcentratie bij de vorst. Aan diens hof moet de onderworpen adel de primaire driften beteugelen. Zo leert men elkaar niet meer te lijf gaan, zich decent te kleden, de behoeften privaat te doen en de ‘hoofse’ liefde te bedrijven. Vanuit het hof verspreidt deze gecultiveerde vorm van collectieve zelfbeheersing zich over de rest van de in toenemende mate burgerlijke samenleving. Daar wordt de stropdas, door Lodewijk XIV van Kroatische huurlingen overgenomen, op den duur het conventionele kledingsmiddel waarmee mannen zich de keel snoeren.

Op de dag dat een Duitse jonker door huwelijk prins wordt, ervaart hij hoe een enkele dasloze burger wat minder zelfbeheersing aan den dag legt. De rookbommen die zijn trouwpartij omlijsten blijken uiting van een ludiek protest tegen autoriteit. De individuele vrijheidsideologie, in Tweede Wereldoorlog en Koude Oorlog geprononceerd in stelling gebracht tegen de ultieme machtsconcentratie van het totalitarisme, richt zich nu naar binnen. Later ziet de prins hoe het ludieke anarchisme evolueert tot een agressievere vorm, die niet alleen met rookbommen, maar ook met klinkers en straattegels gooit. Op het balkon hoort hij hoe uit naam van daklozen spreekkoren van daslozen het de majesteit bijna onmogelijk maken de troonsoverdracht uit te spreken.

De van oorsprong hoofse omgangsvormen raken steeds meer op hun retour. Zelfs de prins, strak ingesnoerd in het regime van het hof, werpt zijn stropdas af. Het is echter niets vergeleken bij wildplasserij, extreme promiscuïteit of ‘zinloos’ geweld op straat. Een zelfverklaard kandidaat-premier, die de stropdas gebruikt om zijn individualiteit te onderstrepen, wordt door koelbloedige liquidatie martelaar met de statuur van een profeet. Kogelbrieven schakelen andere kandidaten uit.
Nieuwe politici staan op. Een enkeling treedt in de voetsporen van de profeet, maar dan zonder das en vooral niet te lang. Het is een teken aan de wand: de nieuwe politiek heeft geen stamina en moeite met zelfdiscipline. Op de begrafenis van de prins laten de politieke bestuurders zelfs alle remmen los. De egocentrische ijdelheid van snob en autist ontaardt in destructie. Samenleving en politiek hebben hun zelfbeheersing verloren, de staat zijn gezag.

De roep om herstel van autoriteit en civilisatie neemt toe, vrijheid en individualiteit liggen onder vuur. Zelfs de strop dreigt even uit de kast te worden gehaald. Waar civilisatie volgens Elias een ongepland en ongestuurd proces is, handelen, of liever gezegd, spreken politici vanuit de premisse van de maakbaarheid van beschaving. Daarbij denken ze niet aan een herschikking van achterliggende figuraties en onderlinge vervlechtingen. Nee, zowel de oude als de nieuwe politici willen ons weer de stropdas om doen. Laat ze dan op zijn minst eerst eens zelf het goede voorbeeld geven…